Schoolplaat Aan de rivier van M.A. Koekkoek

De schoolplaat Aan de rivier behoort tot de bekende reeks Dieren in hun omgeving – Eerste serie: In ons land, uitgegeven door J.B. Wolters. De reeks werd ontwikkeld voor het Nederlandse natuuronderwijs en bracht dieren niet geïsoleerd in beeld, maar plaatste ze in een herkenbaar landschap waarin verschillende soorten samenleven. De oorspronkelijke serie In ons land bestond uit twaalf hoofdplaten.

Voor Aan de rivier schilderde Marinus Adrianus Koekkoek (1873–1944) een breed Nederlands rivierlandschap. Op de voorgrond bevindt zich een otter met een gevangen vis. Verder zijn onder andere watervogels, een reiger, aalscholver, konijnen, een gele kwikstaart en verschillende vlinders weergegeven. Menselijke bebouwing blijft beperkt tot enkele boerderijen in de verte en een eenvoudige afrastering langs de oever. De natuur en het landschap domineren de voorstelling.

Juist die combinatie is kenmerkend voor Koekkoeks schoolplaten. De dieren werden niet als losse specimen tegen een neutrale achtergrond afgebeeld, maar als onderdelen van een leefomgeving. J.B. Wolters benadrukte bij de introductie van de reeks dat men een specifiek Nederlandse uitgave wilde maken, met Nederlandse dieren, planten én landschappen.

Daarmee is Aan de rivier meer dan een illustratie van enkele diersoorten. De plaat documenteert ook een vroeg-twintigste-eeuwse visie op natuuronderwijs, ecologie en het Nederlandse landschap.

Historische achtergrond

Dieren in hun omgeving

De oorsprong van Aan de rivier ligt in de ontwikkeling van het Nederlandse natuuronderwijs aan het begin van de twintigste eeuw. Voor uitgeverij J.B. Wolters maakte M.A. Koekkoek vanaf 1912 schoolplaten voor het onderwijs in de toenmalige kennis der natuur. De eerste twaalf hoofdplaten verschenen als de reeks Dieren in hun omgeving – In ons land.

Het uitgangspunt was vernieuwend. Dieren werden niet uitsluitend als afzonderlijke soorten behandeld, maar in samenhang met hun leefgebied. Het begrip ‘omgeving’ in de titel was daarom wezenlijk: landschap, vegetatie en andere dieren maakten deel uit van dezelfde voorstelling.

Wolters motiveerde de reeks bovendien als een bewust Nederlands alternatief voor de buitenlandse, en met name Duitse, natuurhistorische wandplaten die destijds veel in Nederlandse scholen werden gebruikt. De uitgever wilde materiaal waarin leerlingen hun eigen land en de daarbij behorende fauna en flora konden herkennen.

De serie werd langdurig gebruikt en later herzien. Van de herziene eerste serie zijn verschillende uitgeversvarianten bekend, onder andere met Groningen–Den Haag, Groningen–Batavia, Groningen–Djakarta, alleen Groningen en later Wolters-Noordhoff als plaats- of uitgeversaanduiding. De herziene reeks wordt vanaf 1931 gedateerd en bleef gedurende meerdere decennia in omloop.

Ook van Aan de rivier bestond een afzonderlijk toelichtingsboekje binnen Dieren in hun omgeving. Een geregistreerde latere uitgave daarvan noemt L. Dorsman Czn., K.M. Knip en A. Mellink als auteurs en J.B. Wolters als uitgever.

Wat is er afgebeeld?

Een Nederlands rivierlandschap

Koekkoek heeft de voorstelling opgebouwd als een weids landschap waarin de blik vanaf de begroeide rechteroever over het water naar de lage horizon wordt geleid.

Centraal ligt een brede, rustige rivier of rivierarm. Zandige en begroeide oevers wisselen elkaar af. Op de achtergrond liggen graslanden met bomen en enkele boerderijen. De houten afrastering rechts brengt het landschap visueel dichter bij de beschouwer en benadrukt het agrarische karakter van de omgeving.

Het is geen topografisch portret van één aantoonbaar bepaalde plaats. De voorstelling functioneert als een samengesteld en didactisch rivierlandschap waarin karakteristieke Nederlandse soorten bij elkaar zijn gebracht.

De otter

Het meest opvallende zoogdier bevindt zich links op de voorgrond: een otter met een gevangen vis.

De otter is bewust prominent weergegeven. Het dier bevindt zich niet ergens klein in het landschap, maar vormt een van de belangrijkste didactische aandachtspunten van de plaat.

Een latere ecologische publicatie waarin juist deze schoolplaat wordt besproken, identificeert de gevangen vis als een zalm. Diezelfde publicatie gebruikt Aan de rivier om veranderingen in het Nederlandse riviermilieu en de historische aanwezigheid van otter en zalm te bespreken.

Vogels

De plaat bevat verschillende vogels die met rivier, oever en aangrenzend cultuurlandschap verbonden zijn.

Op of rond het water zijn onder meer een vliegende reiger en zwemmende watervogels te zien. Op een houten paal in het water zit een donkere vogel; bronnen over dezelfde voorstelling identificeren onder de afgebeelde soorten onder andere de aalscholver. Hoog in de lucht is een roofvogel weergegeven, die in beschrijvingen van de plaat als torenvalk wordt aangeduid.

Rechts onder in de voorstelling bevindt zich bovendien een kleine geel-zwarte vogel. Deze wordt bij beschrijvingen van Aan de rivier als gele kwikstaart aangeduid.

Zoogdieren en insecten

Achter de afrastering rechts bevinden zich konijnen. Hun relatief bescheiden plaats in het landschap is illustratief voor Koekkoeks werkwijze: niet ieder dier wordt nadrukkelijk centraal gepresenteerd. Een leerling moest de voorstelling bekijken en verschillende dieren ontdekken.

Ook vlinders zijn opgenomen. Bronnen waarin dezelfde plaat wordt beschreven noemen onder andere het koolwitje en de atalanta.

Vegetatie

De rechteroever is rijk begroeid met grassen, kruiden en andere oevervegetatie. Planten dienen hier niet alleen als decoratie. Zij maken zichtbaar dat de fauna verbonden is met een bepaald leefgebied.

Daarmee werkt de plaat op verschillende niveaus tegelijk: de leerling ziet afzonderlijke dieren, maar ook voedselrelaties, beschutting, water, bodem, begroeiing en landschap.

Geen kaartkundige elementen

Hoewel de masterstructuur ook cartografische gegevens omvat, is Aan de rivier geen landkaart. Er zijn daarom geen schaal, legenda, geografisch coördinatenstelsel of kaartprojectie van toepassing.

De makers van deze schoolplaat

M.A. Koekkoek

De illustrator van Aan de rivier is Marinus Adrianus Koekkoek (1873–1944). Zijn naam is op de voorstelling terug te vinden.

Koekkoek was een Nederlandse tekenaar en schilder die zich in belangrijke mate toelegde op dieren en vogels. Hij behoorde tot de bekende kunstenaarsfamilie Koekkoek.

Voor de natuurhistorische betrouwbaarheid van zijn werk is vooral zijn professionele achtergrond van belang. Vanaf 1 januari 1918 was hij als wetenschappelijk tekenaar verbonden aan het Rijksmuseum van Natuurlijke Historie in Leiden, het huidige Naturalis. Hij werkte daar ongeveer twintig jaar. Tussen 1922 en 1935 vervaardigde hij honderden vogelillustraties voor Eduard Daniël van Oorts monumentale Ornithologia Neerlandica – De Vogels van Nederland.

Zijn samenwerking met J.B. Wolters begon echter al eerder. Vanaf 1912 maakte hij voor de uitgever natuurhistorische schoolplaten. Voor de hoofdplaten van Dieren in hun omgeving schilderde Koekkoek volgens een historische fondscatalogus de originelen in olieverf; de aanvullende bijplaten werden in waterverf uitgevoerd.

Dat onderscheid is belangrijk. Aan de rivier behoort tot de landschappelijke hoofdplaten: geen verzameling losse anatomische details, maar een volledig gecomponeerd natuurtafereel.

  1. Dorsman Czn., K.M. Knip en A. Mellink

De herziene reeks Dieren in hun omgeving – Eerste serie: In ons land is verbonden met L. Dorsman Czn., K.M. Knip en A. Mellink. Hun namen komen ook voor bij het begeleidende boekje Aan de rivier.

Deze combinatie van schoolplaat en toelichting was wezenlijk voor het gebruik. De wandplaat bood het gezamenlijke visuele uitgangspunt voor de klas, terwijl het begeleidende materiaal de onderwijzer inhoudelijke informatie gaf waarmee de afgebeelde dieren en verschijnselen konden worden behandeld.

Historische context

Natuur leren door waarnemen

Aan de rivier ontstond in een periode waarin aanschouwelijk onderwijs een belangrijke plaats innam. Kinderen moesten de natuur niet uitsluitend leren uit definities en opsommingen, maar ook leren kijken.

De schoolplaat vervulde daarbij een bijzondere rol. Een compleet landschap kon de klas worden binnengebracht zonder dat leerlingen daadwerkelijk naar een riviergebied hoefden te reizen.

Dat betekende niet dat de plaat een fotografische registratie was. Koekkoek construeerde een didactisch landschap. Verschillende soorten zijn zo geplaatst dat zij herkenbaar zijn en gezamenlijk besproken kunnen worden.

De reeks sluit daarmee aan bij een bredere verandering in het natuuronderwijs: van het geïsoleerd benoemen en classificeren van dieren naar aandacht voor het dier in zijn leefomgeving.

Juist daarin ligt de betekenis van de serietitel Dieren in hun omgeving.

Een veranderend rivierlandschap

Voor hedendaagse onderzoekers heeft Aan de rivier bovendien een tweede betekenis gekregen. De voorstelling laat zien welk beeld van een natuurlijk Nederlands riviermilieu in het onderwijs werd gepresenteerd.

Een moderne publicatie over waterbeheer gebruikte de plaat bijvoorbeeld om historische en hedendaagse rivierlandschappen met elkaar te vergelijken. Daarin worden de otter en zalm expliciet genoemd en wordt gewezen op veranderingen door onder meer rivierregulering en veranderingen in fauna.

De plaat is daarmee ook bruikbaar als bron voor onderzoek naar historische natuurbeelden: niet noodzakelijk als exacte registratie van hoe één rivier er werkelijk uitzag, maar als document van hoe een gezonde en soortenrijke Nederlandse rivieromgeving aan schoolkinderen werd voorgesteld.

Gebruik in het onderwijs

Aan de rivier was bedoeld voor klassikaal natuuronderwijs.

De onderwijzer kon de plaat voor de klas presenteren en leerlingen gericht laten waarnemen. Daarbij konden vragen worden gesteld als: welke dieren leven in het water, welke langs de oever, welke vogels gebruiken het gebied, wat eet de otter, waarom staat een vogel op een paal en welke dieren zijn afhankelijk van begroeiing?

Het landschap bood daardoor aanleiding voor meerdere onderwerpen:

  • herkenning en benoeming van diersoorten;
  • verschil tussen zoogdieren, vogels en insecten;
  • leefgebied en aanpassing;
  • voedsel en voedselrelaties;
  • gedrag;
  • relatie tussen water, oever en land;
  • invloed van vegetatie op het voorkomen van dieren;
  • kenmerken van het Nederlandse landschap.

Dat deze platen daadwerkelijk zo in het onderwijs functioneerden, blijkt ook uit latere herinneringen aan natuurlessen waarbij de schoolplaten van Dorsman, Knip en Mellink voor de klas werden gehangen en als uitgangspunt dienden voor het verhaal van de onderwijzer.

Voor het tijdperk van televisie, digitale schoolborden en internet was het grote formaat essentieel. De hele klas keek naar hetzelfde beeld. De onderwijzer kon een dier aanwijzen en van daaruit een gesprek of uitleg beginnen.

De wandplaat was daardoor tegelijkertijd illustratie, observatieobject en didactisch hulpmiddel.

Artistieke en grafische kenmerken

Een landschap dat als schilderij functioneert

Een van de kwaliteiten van Aan de rivier is dat de educatieve functie niet ten koste gaat van de landschappelijke compositie.

Koekkoek bouwt diepte op door verschillende beeldzones. De otter en begroeiing bevinden zich nadrukkelijk op de voorgrond. Water en oever leiden het oog naar het middenplan, terwijl bomen, weilanden en boerderijen een lage horizon vormen.

De houten afrastering rechts werkt als een sterk perspectivisch element. De schuine lijnen leiden de blik het landschap in.

Het kleurgebruik bestaat voornamelijk uit natuurlijke groen-, blauw-, bruin- en grijstinten. Tegen deze rustige achtergrond vallen individuele dieren voldoende op zonder dat ze los komen te staan van hun omgeving.

Dat is een belangrijk verschil met natuurhistorische platen waarop dieren geïsoleerd tegen een witte achtergrond worden weergegeven.

Wetenschappelijke herkenbaarheid en artistieke vrijheid

Koekkoek moest twee eisen combineren.

De dieren moesten voldoende anatomisch herkenbaar zijn voor onderwijsdoeleinden, maar de plaat moest tegelijkertijd vanaf enige afstand als één samenhangend beeld functioneren.

Daarom is de voorstelling geen puur wetenschappelijke illustratie en evenmin een vrij landschapsschilderij. Zij bevindt zich tussen beide genres.

De historische bronnen bevestigen dat Wolters juist deze combinatie waardeerde. De uitgever koos Koekkoek omdat hij zowel het Nederlandse landschap als de planten- en dierenwereld goed kende.

Voor zover uit de geraadpleegde bronnen kan worden vastgesteld, is voor deze specifieke uitgave geen afzonderlijke drukker op de plaat geïdentificeerd. Evenmin is een exacte druktechnische specificatie voor deze individuele druk met voldoende zekerheid vastgesteld. Daarom wordt hier geen specifieke druktechniek aan deze uitvoering toegeschreven.

Betekenis voor huidige verzamelaars en musea

Tegenwoordig behoort Aan de rivier tot het materiële erfgoed van het Nederlandse onderwijs.

Voor musea is de plaat vanuit meerdere invalshoeken interessant. Zij documenteert de geschiedenis van het klassikale onderwijs, de ontwikkeling van natuuronderwijs, de geschiedenis van educatieve uitgeverij J.B. Wolters en het werk van M.A. Koekkoek als natuurhistorisch illustrator.

Daarnaast vormt de schoolplaat een bron voor onderzoek naar veranderende opvattingen over natuur en landschap.

De voorstelling toont namelijk niet alleen welke dieren kinderen moesten leren herkennen. Zij laat ook zien hoe natuur werd voorgesteld: als een samenhangend landschap waarin water, planten, vogels, zoogdieren, insecten en menselijk cultuurlandschap naast elkaar bestaan.

Dat maakt Aan de rivier relevant voor onderwijsgeschiedenis, illustratiegeschiedenis, ecologische geschiedenis en onderzoek naar de visuele cultuur van de twintigste eeuw.

Dat de voorstelling tegenwoordig nog wordt herkend en verzameld, hangt mede samen met de langdurige verspreiding van Dieren in hun omgeving. De reeks werd gedurende verschillende perioden opnieuw uitgegeven en de afbeeldingen kregen daardoor een veel langere levensduur dan veel andere schoolplaten.

Voor een museumcollectie is vooral die combinatie van artistieke kwaliteit, educatieve functie en historische informatiewaarde van belang.

Conclusie

Aan de rivier van M.A. Koekkoek is een karakteristieke Nederlandse natuurhistorische schoolplaat uit de reeks Dieren in hun omgeving – Eerste serie: In ons land.

De voorstelling verenigt een zorgvuldig gecomponeerd Nederlands rivierlandschap met herkenbare dieren zoals de otter, verschillende vogels, konijnen en vlinders. De dieren worden niet als afzonderlijke studieobjecten gepresenteerd, maar als bewoners van één leefomgeving.

Daarmee vertegenwoordigt de plaat een belangrijke ontwikkeling binnen het twintigste-eeuwse natuuronderwijs: leren kijken naar het dier in relatie tot landschap en habitat.

Tegelijkertijd documenteert Aan de rivier het werk van M.A. Koekkoek en de belangrijke positie van J.B. Wolters als producent van visuele leermiddelen. Wat ooit voor een klaslokaal werd ontworpen, kan tegenwoordig worden bestudeerd als een bron voor de geschiedenis van onderwijs, natuurbeleving, wetenschappelijke illustratie en het Nederlandse landschap.

Uitgever – J.B. Wolters

J.B. Wolters in Groningen behoorde tot de belangrijkste Nederlandse educatieve uitgeverijen. Het bedrijf bouwde een omvangrijk fonds op van schoolboeken, atlassen, wandkaarten en schoolplaten en speelde daarmee een grote rol in de materiële inrichting van het Nederlandse onderwijs.

Voor het klassikale onderwijs waren grote wandplaten een belangrijk product. Een boekillustratie was alleen door een individuele leerling goed te bekijken; een grote plaat kon voor de gehele klas worden opgehangen en door de onderwijzer worden gebruikt als centraal visueel lesmiddel.

Bij Dieren in hun omgeving ging Wolters verder dan het simpelweg uitgeven van fraaie dierafbeeldingen. De onderneming wilde expliciet een Nederlandse natuurhistorische reeks aanbieden. In een fondscatalogus uit 1915 wees Wolters erop dat Nederlandse scholen voor planten- en dierkunde tot dan toe sterk op buitenlandse, vooral Duitse, uitgaven waren aangewezen. Dieren in hun omgeving moest daar een eigen Nederlandse beeldwereld tegenover stellen.

Koekkoek was daarvoor bijzonder geschikt omdat hij zowel het Nederlandse landschap als planten en dieren nauwkeurig kon weergeven.

De lange levensduur van de reeks blijkt uit de verschillende uitgeversvarianten. De herziene serie is bekend in uitvoeringen uit de periode vanaf 1931 en werd later ook onder Wolters-Noordhoff voortgezet. Uiteindelijk bleven de voorstellingen zo herkenbaar dat ze nog veel later opnieuw werden gereproduceerd.

Die lange gebruiksgeschiedenis maakt de reeks tot een goed voorbeeld van de continuïteit van visuele leermiddelen in het twintigste-eeuwse Nederlandse onderwijs.

Deze plaat aanschaffen? Kijk dan in onze museumshop op schoolplaten van M.A. Koekkoek