Tijdlijn van de schoolplaat

De geschiedenis van de schoolplaat loopt van de eerste onderwijswandplaten in het negentiende-eeuwse Duitsland tot de kleurrijke klassikale wandplaten van de twintigste eeuw. Illustratoren, uitgeverijen en druktechnieken speelden samen een belangrijke rol in het onderwijs van vroeger. Hoewel schoolplaten vanaf de jaren zestig langzaam uit het klaslokaal verdwenen, worden zij vandaag opnieuw gewaardeerd als cultureel erfgoed, illustratiekunst en tastbare herinneringen aan het onderwijs van vroeger.

De ontwikkeling van schoolplaten, illustratoren en onderwijs door de tijd

De geschiedenis van de schoolplaat loopt parallel aan de ontwikkeling van het moderne onderwijs. Meer dan een eeuw lang speelden illustratoren, uitgeverijen en druktechnieken een belangrijke rol in het klaslokaal. Hieronder volgt een overzicht van de belangrijkste perioden in de ontwikkeling van de Nederlandse schoolplaat en de kunstenaars die eraan meewerkten.

     

      1820–1850. De eerste onderwijswandplaten in Europa

      In Duitsland ontstaan de eerste grote onderwijswandplaten voor klassikaal onderwijs. Scholen gebruiken:

      • natuurplaten,
      • anatomische illustraties,
      • wandkaarten,
      • en afbeeldingen voor taalonderwijs.

      Onder invloed van het zogenaamde aanschouwingsonderwijs ontdekken pedagogen dat kinderen beter leren door:

      • kijken,
      • observeren,
      • en ervaren.

      Duitsland loopt in deze periode voorop in:

      • klassikaal onderwijs,
      • pedagogische vernieuwing,
      • en visuele leermiddelen.

      Deze ontwikkelingen vormen later de basis van de Nederlandse schoolplaat.

      Rond 1838. Berend Brugsma ontdekt het visuele onderwijs

      De Groningse onderwijzer:

      Berend Brugsma

      bezoekt een Duits instituut voor dove kinderen en ziet hoe illustraties worden gebruikt om les te geven.

      Hij raakt ervan overtuigd dat beelden ook in het gewone onderwijs belangrijk kunnen zijn. Zijn ideeën spelen later een grote rol in de ontwikkeling van het Nederlandse aanschouwingsonderwijs.

      1850–1880. De eerste Nederlandse onderwijsplaten

      In Nederland verschijnen de eerste echte onderwijsplaten voor scholen.

      Door veranderingen in het onderwijs groeit de behoefte aan:

      • klassikale uitleg;
      • grote wandillustraties;
      • en visuele ondersteuning bij lessen.

      De onderwijswet van 1857 geeft vakken zoals:

      • geschiedenis,
      • aardrijkskunde,
      • en natuurkennis

      een belangrijkere plaats in het lager onderwijs.

      Schoolplaten worden steeds vaker gebruikt naast:

      • schoolborden;
      • wandkaarten;
      • en lesboeken.

      1880–1900. De opkomst van de klassieke schoolplaat

      Vanaf het einde van de negentiende eeuw ontstaan de grote Nederlandse schoolplaten zoals we die vandaag kennen.

      Uitgeverijen zoals:

      • J.B. Wolters,
      • Noordhoff,
      • en Thieme

      ontwikkelen complete series voor scholen.

      Nieuwe druktechnieken zoals:

      • lithografie;
      • en chromolithografie

      maken kleurrijke grootformaat platen mogelijk.

      Onderwerpen zijn onder andere:

      • natuur,
      • geschiedenis,
      • landbouw,
      • verkeer,
      • en Bijbelverhalen.

      1900–1920. De eerste beroemde schoolplaatillustratoren

      In deze periode verschijnen illustratoren die later iconisch worden binnen het Nederlandse onderwijs.

      M.A. Koekkoek

      maakt gedetailleerde natuurplaten met:

      • vogels,
      • vissen,
      • insecten,
      • en Nederlandse landschappen.

      Cornelis Jetses

      ontwikkelt een warme en herkenbare stijl die later beroemd wordt door:

      • Ot en Sien;
      • en landelijke schoolillustraties.

      Schoolplaten worden steeds belangrijker in het dagelijkse onderwijs.

      1920–1940. De grote bloeiperiode van de schoolplaat

      Dit is de absolute hoogtijdagen van de Nederlandse schoolplaat.

      Vrijwel ieder klaslokaal beschikt over:

      • historische platen;
      • natuurillustraties;
      • aardrijkskundige wandkaarten;
      • en onderwijsseries.

      Johan Herman Isings

      groeit uit tot de bekendste illustrator van historische schoolplaten.

      Zijn afbeeldingen van:

      • Romeinen,
      • Vikingen,
      • Willem van Oranje,
      • en middeleeuwse steden

      vormen voor generaties kinderen het beeld van de Nederlandse geschiedenis.

      Ook koloniale schoolplaten over:

      • Nederlands-Indië,
      • plantages,
      • rijstvelden,
      • en tropische landschappen

      worden veel gebruikt.

      1940–1945. Oorlog en schaarste

      Tijdens de Tweede Wereldoorlog verandert het onderwijs sterk.

      Door:

      • papierschaarste;
      • beperkte productie;
      • en oorlogsomstandigheden

      worden minder nieuwe schoolplaten gedrukt.

      Bestaande platen blijven vaak jarenlang in gebruik.

      Sommige schoolplaten uit deze periode tonen:

      • nationale identiteit;
      • discipline;
      • en vaderlandse geschiedenis.

      1950–1965. Wederopbouw en massaproductie

      Na de oorlog groeit het onderwijs snel.

      Nieuwe scholen worden gebouwd en schoolplaten worden op grote schaal geproduceerd.

      Modernere druktechnieken zoals:

      • offsetdruk

      maken:

      • grotere oplages;
      • lagere kosten;
      • en snellere productie

      mogelijk.

      Nieuwe onderwerpen verschijnen:

      • verkeer;
      • techniek;
      • moderne industrie;
      • en actuele wereldoriëntatie.

      De stijl van illustreren wordt:

      • strakker;
      • realistischer;
      • en moderner.

      1965–1975. Het langzaam verdwijnen uit de klas

      Nieuwe media veranderen het onderwijs.

      Schoolplaten krijgen concurrentie van:

      • dia’s;
      • schooltelevisie;
      • filmstroken;
      • overheadprojectors;
      • en later video.

      Het onderwijs wordt:

      • moderner;
      • individueler;
      • en meer gericht op audiovisuele middelen.

      Veel oude platen verdwijnen naar:

      • opslagruimtes;
      • zolders;
      • kringloopwinkels;
      • en oude schoolgebouwen.

      1980–2000. Herontdekking van de schoolplaat

      Verzamelaars, musea en liefhebbers ontdekken opnieuw de waarde van oude schoolplaten.

      Men ziet schoolplaten steeds vaker als:

      • cultureel erfgoed;
      • illustratiekunst;
      • nostalgische wanddecoratie;
      • en historische tijdsdocumenten.

      Originele platen worden:

      • verzameld;
      • gerestaureerd;
      • en tentoongesteld.

      2000–heden. Schoolplaten als erfgoed en inspiratie

      Vandaag zijn schoolplaten populair bij:

      • verzamelaars;
      • musea;
      • interieurliefhebbers;
      • scholen;
      • en kunstenaars.

      Ze worden gewaardeerd vanwege:

      • hun artistieke kwaliteit;
      • historische waarde;
      • nostalgische uitstraling;
      • en unieke druktechnieken.

      Daarnaast inspireren oude schoolplaten nog steeds:

      • moderne illustratoren;
      • onderwijsprojecten;
      • en hedendaagse wanddecoratie.

      De schoolplaat leeft voort als een bijzonder onderdeel van de Nederlandse onderwijs- en cultuurgeschiedenis.