Maarten de Jongh’s Natuurplaten nr. 7 – Zoogdieren
Serie: Maarten de Jongh’s Natuurplaten
Plaat: Nr. 7 – Zoogdieren
Uitgever: De Ruiter BV, Gorinchem
Tekenaar: Henk Wittenberg
Zoogdieren – lichaamsbouw, leefwijze en aanpassing
Deze schoolplaat Zoogdieren is nummer 7 uit Maarten de Jongh’s Natuurplaten, uitgegeven door De Ruiter BV in Gorinchem. De plaat werd getekend door Henk Wittenberg en laat zoogdieren niet alleen als afzonderlijke soorten zien, maar besteedt vooral aandacht aan verschillen in lichaamsbouw, beweging, voedsel en leefwijze.
De plaat is opgebouwd uit een groot aantal kleinere voorstellingen. Daardoor kon de onderwijzer verschillende kenmerken van zoogdieren naast elkaar behandelen en leerlingen laten ontdekken hoe lichaamsdelen zijn aangepast aan de manier waarop een dier leeft.
De eekhoorn als opvallend middelpunt
Centraal op de plaat staat een grote eekhoorn op een boomstam. Het dier is weergegeven in zijn natuurlijke omgeving en vormt door zijn formaat en positie een van de belangrijkste blikvangers van de compositie.
Rondom deze centrale voorstelling zijn talrijke kleinere beelden gegroepeerd. Hierdoor ontstaat een duidelijke afwisseling tussen het complete dier in zijn leefomgeving en afzonderlijke biologische details.
Die opbouw is kenmerkend voor de didactische kracht van deze serie: eerst ziet de leerling het dier als geheel, daarna kan worden ingezoomd op specifieke eigenschappen.
Verschillende manieren van voortbewegen
Een belangrijk thema op de plaat is de manier waarop zoogdieren zich voortbewegen.
Bovenaan zijn onder andere verschillende poten en voetvormen weergegeven. De bouw van een poot hangt nauw samen met de leefwijze van het dier. Rennen over een harde ondergrond stelt andere eisen aan het lichaam dan graven, klimmen of zich door een zachte bodem bewegen.
Door deze verschillende vormen naast elkaar te zetten, maakt Wittenberg een biologisch principe zichtbaar: zoogdieren hebben weliswaar een gemeenschappelijk bouwplan, maar hun lichaamsdelen kunnen sterk verschillen afhankelijk van hun manier van leven.
Vleermuizen – zoogdieren die kunnen vliegen
Op de plaat zijn ook vleermuizen duidelijk aanwezig.
Daarmee kon een interessant verschil tussen zoogdieren worden besproken. Waar veel zoogdieren lopen, rennen, springen, klimmen of zwemmen, hebben vleermuizen voorpoten die zijn aangepast aan actief vliegen.
Wittenberg toont niet alleen het complete dier, maar besteedt ook aandacht aan de bijzondere bouw van de vleugel.
Voor een schoolplaat is dat een belangrijk didactisch detail. Een vleermuisvleugel lijkt op het eerste gezicht sterk te verschillen van de voorpoot van andere zoogdieren, maar juist door de lichaamsbouw nader te bekijken kan de onderlinge verwantschap worden besproken.
Gebit en voedsel
Verspreid over de plaat zijn meerdere afbeeldingen van schedels, kaken en gebitten opgenomen.
Deze details laten zien dat ook tanden en kiezen sterk samenhangen met de leefwijze van een dier. Een dier dat plantaardig voedsel verwerkt heeft andere eisen aan zijn gebit dan een dier dat vlees eet.
Op de plaat worden verschillende vormen naast elkaar weergegeven. Hierdoor kon de onderwijzer leerlingen laten vergelijken zonder uitsluitend gebruik te maken van tekst of losse anatomische modellen.
De schoolplaat maakt daarmee een belangrijk biologisch verband aanschouwelijk: vorm en functie horen bij elkaar.
Van buitenkant naar inwendige bouw
Wittenberg beperkt zich niet tot wat aan een levend dier direct zichtbaar is.
Op de plaat zijn ook anatomische voorstellingen opgenomen. Daarmee kon de aandacht worden verplaatst van de uiterlijke verschijning van een zoogdier naar de bouw van het lichaam.
Het is een terugkerend principe binnen educatieve natuurillustratie. De tekenaar kan tegelijkertijd tonen wat in werkelijkheid nooit in één waarneming zichtbaar is: het levende dier in zijn omgeving én onderdelen van zijn lichaam die normaal verborgen blijven.
De plaat functioneert daardoor als een visueel onderzoek van het zoogdier.
Verschillen binnen één diergroep
De kracht van Zoogdieren ligt voor een belangrijk deel in de enorme variatie die binnen één plaat zichtbaar wordt.
Een eekhoorn, een vleermuis en de verschillende anatomische voorbeelden zien er op het eerste gezicht zeer verschillend uit. Toch behoren ze allemaal tot de zoogdieren.
Juist die tegenstelling was voor het onderwijs waardevol.
De leerling kon leren dat dieren binnen één grote groep niet noodzakelijk dezelfde vorm of leefwijze hebben. Hun lichamen kunnen op verschillende manieren zijn aangepast aan hun omgeving en gedrag.
Daarmee gaat de plaat verder dan het simpel herkennen van een aantal bekende zoogdiersoorten.
Vorm en functie
Wanneer de verschillende onderdelen van de plaat gezamenlijk worden bekeken, valt een duidelijk didactisch principe op: de relatie tussen lichaamsvorm en functie.
Poten vertellen iets over voortbeweging. Gebitten hangen samen met voedsel. De vleugel van een vleermuis maakt vliegen mogelijk. Andere lichaamskenmerken passen bij klimmen, graven of een andere manier van leven.
Dat verband is een van de belangrijkste biologische ideeën die met deze plaat aanschouwelijk konden worden gemaakt.
De illustraties nodigen leerlingen uit om zelf te vergelijken: wat is hetzelfde, wat is anders en waarom zou dat verschil bestaan?
Henk Wittenberg als illustrator
Onderaan de oorspronkelijke plaat wordt Henk Wittenberg als tekenaar vermeld.
Bij Zoogdieren is goed zichtbaar dat Wittenberg meer doet dan dieren natuurgetrouw portretteren. Hij ordent een grote hoeveelheid informatie binnen één overzichtelijke compositie en wisselt daarbij voortdurend van schaal.
Een complete eekhoorn kan naast een kleine anatomische voorstelling staan; een vleermuis wordt gecombineerd met een detail van de vleugel en elders verschijnen poten, schedels en gebitten.
Daarmee gebruikt Wittenberg de mogelijkheden van de schoolplaat optimaal.
Hij hoeft niet één werkelijk bestaand landschap te schilderen. Zijn opdracht is om een visuele les samen te stellen. Afzonderlijke beelden worden zo gekozen en gerangschikt dat ze gezamenlijk biologische verschillen en overeenkomsten duidelijk maken.
Tegelijkertijd blijft de plaat aantrekkelijk om naar te kijken. De dieren zijn levendig weergegeven en de natuurlijke achtergronden verzachten het meer schematische karakter van de anatomische onderdelen.
Kijken en vergelijken in het klaslokaal
Voor klassikaal onderwijs bood deze opzet veel mogelijkheden.
Een onderwijzer kon beginnen bij het meest herkenbare beeld – bijvoorbeeld de eekhoorn – en daarna steeds een ander onderdeel aanwijzen.
Hoe beweegt een eekhoorn? Hoe ziet zijn poot eruit? Wat is er anders aan een vleermuis? Waarom verschillen gebitten? Welke lichaamsdelen hebben verschillende zoogdieren gemeenschappelijk?
Zo werd de wandplaat geen afbeelding die alleen bekeken moest worden, maar een hulpmiddel waarmee leerlingen konden waarnemen, vergelijken en redeneren.
Een karakteristieke natuuronderwijsplaat
Nr. 7 – Zoogdieren laat duidelijk zien hoe Maarten de Jongh’s Natuurplaten zijn opgezet.
Het onderwerp wordt niet behandeld door zoveel mogelijk soorten in keurige rijen te plaatsen. In plaats daarvan worden complete dieren, leefomgevingen en anatomische details gecombineerd om bredere biologische principes zichtbaar te maken.
Daarmee verschilt de plaat van veel oudere zoölogische wandplaten, waarbij systematiek en soortherkenning vaak sterker op de voorgrond stonden.
Hier gaat het nadrukkelijk ook om de vraag hoe een dier is gebouwd en hoe die bouw samenhangt met zijn manier van leven.
Zoogdieren als Nederlands onderwijserfgoed
Tegenwoordig is deze plaat interessant op zowel natuurhistorisch als onderwijshistorisch gebied.
De illustraties tonen hoe uiteenlopend zoogdieren kunnen zijn, maar documenteren tegelijkertijd hoe dergelijke biologische kennis in het Nederlandse klaslokaal aanschouwelijk werd gemaakt.
Van de grote eekhoorn in het midden tot de kleine anatomische details eromheen: ieder onderdeel draagt bij aan één grotere visuele les over vorm, functie en aanpassing.
De door Henk Wittenberg getekende en door De Ruiter BV te Gorinchem uitgegeven Nr. 7 – Zoogdieren is daarmee een karakteristiek onderdeel van Maarten de Jongh’s Natuurplaten en een fraai voorbeeld van Nederlandse educatieve illustratie.
Een schoolplaat waarop het zoogdier niet alleen wordt bekeken, maar vooral wordt onderzocht en vergeleken.